Duran en Duran: van snik tot Mexicaans feestje

Dit verhaal werd geschreven door Roy Mevissen

Salvador Duran deed op Festival Mundial wat De Staat op Pinkpop deed. Twee keer het podium beklimmen. Zij het onder iets andere omstandigheden. In een iets andere stijl.

Twee stages, twee andere verschijningen. Met een boeking die volledig gepland was. In de middag staat Duran op het podium bij de Smederij. Redelijk eenzaam. Met zijn Mexicaanse strotje, dito muziek. Een klassieke, Latijns-Amerikaanse bariton die lieflijk lispelt. Toch staat er in het programmaboekje dat hij Mendoza Orkesta ‘features’. Klopt, een jankende steel begeleidt hem de meeste tijd van zijn optreden. Of hij krijgt steun van een sopraan sax.

Maar de spotlights zijn volledig op hem gericht. Dat gaat hem ook gemakkelijk af. Duran is een keurige, grijze man op leeftijd. Diepe groeven in het gezicht. Innemend door zijn doorleefde kop en zijn donkere stem.

salvador3

Foto: Balázs Scücs

Een multi-talent is hij, een ouderwetse one man band. Er is de stem, met snik. Donker,  in de geest van Ibrahim Ferrer, hoewel dat vergelijk misschien net iets te gemakkelijk is vanwege de taal. Maar iedere lettergreep die uit zijn strot komt swingt, zoals dat alleen kan swingen bij Latino’s.

Tapdanser uit de woestijn

Hij draagt een klassieke gitaar op zijn buik. Daarnaast heeft hij ook nog eens een mondharmonica in zijn mond. En alsof het allemaal nog niet genoeg is, zorgt Duran ook nog voor de ritmesectie. Twee voeten, woestijnlaarzen en een ongekend gevoel voor ritme op een kistje. Een tapdanser uit de woestijn. Met voeten als drumstokken. Hij kan in het in zijn uppie af. Spaanstalige levensliedjes recht uit de corazón.

In de avond verschijnt Duran weer on stage, nu op het Parkpodium. Maar volgens het affiche zijn de rollen nu omgedraaid. Het Mendoza Orkesta is het hoofdgerecht, Duran doet een stapje terug. Of beter: een stapje opzij. Schouder-aan-schouder met de grote roerganger Sergio Mendoza. Duran danst er driftig op los. Grote gebaren. Lijkt de Zuid-Amerikaanse variant van een cheerleader met zijn maraca’s. De sambaballen als dirigentstokjes. Zijn laarzen schoppen gaten in de lucht.

Aanstekelijke indie mambo

Het grote verschil met de eerste sessie: het podium is nu rijkelijk gevuld. Met blazers, met minimaal drie gitaristen, twee drummers die voeten in beweging zetten. Vooral die van Duran. Mendoza drukt het gaspedaal in met zijn aanstekelijke indie mambo. Vaak klassiek Spaans, dan weer psychedelisch. Met songs die niet als Quentin Tarantino’s soundtrack zouden misstaan.

Foto: Ron van Dooren

Foto: Balázs Scücs

Zat in de middag vooral de snik in de muziek, in de avondsessie draait het om energieke passie. Een trompettist die vanuit het publiek duelleert met een klarinet op het podium. De si’s vliegen je om de oren. Net als de grommende aay’s in de geest van de Macarena. Probeer een glimlach dan maar te onderdrukken. Terwijl Duran in de middag je vooral bij de strot greep.

Zonniger, energieker, dansbaarder

Het Mendoza Orkesta hapt wat beter weg dan de nagenoeg solo performance van Duran. Omdat het meer een feestje is. De muziek is geregeld zonniger, energieker en daarmee dansbaarder. Denk Los Lobos, dat ook nog gecovered wordt. Denk Calexico, waar Mendoza ook onderdeel van is, Buena Vista Social Club of The Mavericks.

Het is een feestje in Mexicaanse stijl. Of om het feitelijk juist te maken: een feestje uit Tuscon, USA. Dat dan weer gruwelijk dichtbij de Mexicaanse grens ligt. ¡¡Aay!!

 

Verhalen die je misschien ook leuk vindt